Klassieker

Published on januari 2nd, 2024 | by snoeischaar

0

Amerikanen die in het Nederlands zingen

Vandaag een onderwerp waar ik lekker gauw mee klaar ben: yankees die de Nederlandse taal aangrijpen om hun hart te luchten. Die zijn er namelijk niet zoveel. Ja een enkeling. Heb je effe een minuutje?

Om te beginnen: een wrang historisch feit is het dat er hier en daar aan de Oostkust van de USA nog tot in begin 19e eeuw Nederlands werd gesproken, terwijl de allereerste geluidsopnames van eind 19e eeuw stammen, Er is dus geen overlap tussen die twee periodes. En dat is pech hebbes want zeker niet ondenkbaar is dat er in die Nederlandstalige periode ook Nederlandstalig gezongen werd, en misschien zelfs wel van een dusdanig niveau dat opnames ervan maken voor de hand lag. Maar nee dus.

Maar gelukkig is daar altijd nog dat Gallische dorpje dat dapper weerstand bleef bieden. In dit geval gesitueerd in Pennsylvania alwaar het bevolkingsdeel genaamd de Amish stug bleven/blijven vasthouden aan hun oude gebruiken en cultuur (films als ‘Witness’ en ‘Kingpin’ verschijnen spontaan op het netvlies), inclusief eeuwenoude liedjes. In 1955 verscheen op het Folkways Records-label de plaat Pennsylvania Dutch Folk Songs. Luister svp effe een stukkie mee:

Klinkt best wel als een curieus soort Hollands toch? Toch is het in essentie Duits wat we hier horen. Hier wreekt zich het feit dat Amerikanen al van oudsher ‘Dutch’ en ‘Deutsch’ met elkaar verwarren, waarschijnlijk gevoed door het feit dat dat stomme volk het precieze verschil daartussen welbeschouwd geen ene reet uitmaakt.

Nemen we vervolgens een flinke stap in de tijd en negeren we voor het gemak even de twee geïmporteerde Amerikaanse BN-ers Ronnie Tober en Donald Jones die beiden in de jaren ’60 van de vorige eeuw bij ons enige faam wisten te vergaren. Verbluft staren we om ons heen en beseffen hoe weinig Amerikanen er dan nog over blijven die zich ooit aan de Nederlandse taal gewaagd hebben. Eerlijk gezegd kan ik zelf slechts twee voorbeelden bedenken. Pijnlijk weinig natuurlijk, ook gezien het feit dat er juist een hele zooi Nederlanders zijn die zich bewust in het Amerikaans-Engels uitdrukken. Ilse de Lange, Herman Brood, DJ Sven & Miker G, Urban Dance Squad, Tim Knollemans, Golden Earring, Danny Vera, om er maar eens een stelletje te noemen.  

De volgens mij eerste volbloed-Amerikaan die zich vol overgave aan onze moerstaal waagde moet zangeres en voormalige ‘queen of rockabilly’ (en ook voormalige vriendin van Elvis) Wanda Jackson geweest zijn. We moeten dit heugelijke feit plaatsten in de eerste helft van de jaren ‘60. In dat tijdperk was het niet ongebruikelijk dat allerlei artiesten (Beatles, Roy Orbison, Stones, Johnny Cash) een Italiaans-, Duits-, of Franstalige versie van hun succesliederen opnamen, om daarmee vervolgens de aanval te openen op de lokale hitlijsten.

Op de een of andere manier moet het management van Wanda ook zoiets voor ogen hebben gehad, waarschijnlijk dacht men met de Nederlandse markt een mooie niche aangeboord te hebben. In ieder geval, het plaatje Ik Hou Van Jou / Morgen, Ja Morgen was het resultaat. Een hit werd dit evenwel niet, want daar klinkt het veels te lullig voor. Een kleinood dat even geruisloos verdween als het kwam. Als een zeepbelletje in het Grote Niets dwaalt het sedertdien rond, te midden van miljoenen andere geflopte liedjes.

Maken we vervolgens een reuzensprong voorwaarts in de tijd, eentje die dik 55 jaar overspant, want toen deed zich een tweede geval voor. In zeg maar de periode vlak voor corona was ondergetekende flink onder de indruk geraakt van de arty punkfunkgroep Bodega, zoals New Yorkse bands wel vaker een gevoelige snaar weten te raken. Een paar maal mocht ik ze toen live aanschouwen en dat was steeds behoorlijk raak. Echter, de laatste keer was in Bitterzoet, en dat viel toen plots wat tegen. Ze hadden een oriëntaals ogende drumster meegenomen, eentje die woest de zaal inkeek en geen drumstokken maar drumknotsen beroerde. Tamelijk theatraal oogde dat, en ook vanwege de drammerige, Parquet Courts-achtige zang van zanger/gitarist Ben Hozie kwam ik toen voorzichtigjes tot de conclusie dat het waarschijnlijk uit was tussen Bodega en mij. 

Die drumster van toen in Bitterzoet

Is zoiets erg? Welnee! Zeker in dit geval niet want in 2022 bracht Bodega een nieuwe plaat uit, Broken Equipment geheten. Na enige maanden sonische drempelvrees ging ik er toch eens naar luisteren, en wat dacht je wat? Het is een knaller! Een van de prijsnummers is Statuette on the Console en dat nummer wil ik graag even met je doorzagen. Bodega had namelijk het idee in hun kop geschoteld gekregen om nòg een aantal versies van dat ene nummer op te nemen. Om precies te zijn negen versies in negen verschillende talen!  Om nog precieser te zijn: op zijn Grieks, in het Engels, Nederlands (!), Duits, Spaans, Portugees, Frans, Italiaans en Oekraiens. Op Spotify staat deze plaat in zijn geheel te horen, het heeft als albumtitel Statuette on the Console. Je moet zelf maar eens luisteren. In het Nederlands heet het nummer Standbeeldje op de Console.

Pikken we vervolgens afgelopen september nog even mee. Toen stond Bodega zowaar als headliner geboekt bij Misty Fields, dat über-puike festival in hartje Brabant. De band (nu met een compleet nieuwe rhytme-sectie) had er strak veel zin in, zoals je wel vaker ziet bij bands die een afsluitend optreden van een tournee doen. Ze gooiden zich als het ware nog één keer met hun volle gewicht in de strijd. En zo speelden ze de sterren van de hemel (daar in De Peel kàn zoiets nog) en met schijnbaar gemak wisten ze de hele tent voor zich te winnen. Een waar triomfoptreden werd het!

Bodega op Misty Fields. Go Nikki go! (foto: Sabine Brakman)

De volgende ochtend is ook meldenswaardig want toen mijn maten en ik slaperig wakker werden in ons slaperige hotel (het Best Western Hotel te Asten) en een fris ochtendeitje begonnen te tikken in de sluimerende ochtendzon, toen ontwaarden we daar plots –effe verderop op het hotelterras-  Bodega-frontvrouw Nikki Belfiglio. Ze had hetzelfde groenige gewaad aan als de avond ervoor op het podium, en zat helemaal in d’r eentje zorgvuldig een toastje te besmeren met jam. Omdat ze zo lekker in zichzelf gekeerd zat, en daar zo lekker mens zat te worden, onderdrukte ik de opwelling om ter plekke een geniepig paparazzi-fotootje van d’r te maken. Ook een spontaan praatje met haar aanknopen leek me niet zo’n best idee. Maar achteraf toch wel weer stom vind ik nu, want zo had ik haar mooi kunnen vragen waarom ze de avond ervoor verdomme wel de Engelstalige Statuette speelden en niet het Nederlandstalige Standbeeldje! Het was nota bene hun enige gig in Nederland. En misschien ook wel de allerlaatste hier, zou je net zien.

Afijn, hieronder de volledige tekst van ‘Standbeeldje op de Console’. Hoewel het nummer naar mijn weten nergens gretig is opgepikt door deze of gene dj of radiostation, laat het toch wel horen dat Amerikanen, ondanks gestuntel met vertaalprogramma’s, veelzeggendere teksten weten te bakken dan wat onze landgenoten zoal laten horen. Bij ons thuis noemen we dit ‘de Spinvis-ziekte,’ ofwel de moderne neiging van half zingend Nederland om in navolging van de meester zich enkel in vaagheden uit te drukken, vermoedelijk in de hoop dat het voor de luisteraar bij herhaalde beluistering tot iets betekenisvols uitgroeit. Lezen jullie mee, Froukje, Eefje, Roosbeef, S10 of hoe jullie allemaal ook mogen heten?

(sorry hieronder is de openingszin weggevallen. Deze luidt: ‘God is mij niet met de paplepel ingegoten’)

Zelfde band, zelfde liedje, nu in het Oekraiens

Comments

comments

Tags: , ,


About the Author



Comments are closed.

Back to Top ↑